Een mooi verhaal over ondernemend Groningen in het FD

2 years ago  •  By  •  0 Comments

In Groningen krijgen chemici, microbiologen en biomedici ruim baan voor lucratieve innovaties, zoals gezonde zetmeelbommen, chemische bibliotheken en happy-people-officers.

1) Hotspot: Zernike Campus Groningen

Op de Zernike Campus in Groningen lopen niet alleen studenten en ondernemers rond. Sinds kort zijn hier ook steeds meer chemici, microbiologen en biomedici te vinden.

Ze zijn afgekomen op de ‘eerste proeftuin voor start-ups in de chemie’, zoals mede-initiatiefnemer Rijksuniversiteit Groningen het nieuwe Innolab Chemie noemt. Dit laboratorium, gelegen aan de rand van de campus, biedt onderzoekers en innovators de mogelijkheid om een zuurkast en andere apparatuur te huren, inclusief kantoorruimte. Hierdoor krijgen hun startende bedrijven een vliegende start, zo is het idee.

Innolab heeft een opvallende gastheer: chemiebedrijf Syncom, met 110 medewerkers een van de meest succesvolle spin-offs van de Groningse universiteit. Het bedrijf ontwikkelt in opdracht van biotech- en farmabedrijven nieuwe chemische stoffen voor onderzoek naar geneesmiddelen of materialen. Vorig jaar zijn er nieuwe labruimtes ingericht om verder te groeien. Dankzij Innolab zijn nu 18 van de 36 nieuwe zuurkasten toegankelijk voor startende ondernemers.

Aan de rand van de Zernike Campus kunnen startende biochemische ondernemers een labruimte huren

‘Wij hadden ruimte over en kunnen op deze manier startende bedrijven helpen’, zegt directeur Ton Vries. Uiteraard hoopt Syncom hiervan ook mee te profiteren. Zo kunnen de start-ups na een succesvolle proef Syncom inschakelen om grotere hoeveelheden van een stof te produceren. Vries: ‘Wij hebben de eerste opdracht uit Innolab al binnen.’

Het Innolab is nu voor 35% gevuld, eind 2016 moet de teller op 100% staan.

Een verdieping lager in het gebouw van Syncom staat een ander innovatief paradepaardje: een simpele koelkast waarin 17.000 nieuwe chemische stoffen worden bewaard.

Een leek zou hier achteloos aan voorbij lopen, maar deze stoffen kunnen de basis vormen voor nieuwe geneesmiddelen, tegen kanker bijvoorbeeld.

De koelkast is overigens nog maar het begin. Mkb-bedrijven en universiteiten in heel Europa werken aan een gezamenlijke ‘bibliotheek’ met in totaal 200.000 stoffen, die vrij toegankelijk is voor onderzoekers.

De komende jaren voegen grote farmaceutische bedrijven hier nog eens 300.000 stoffen aan toe. Pas als het project, dat European Lead Factory is gedoopt, in 2017 is afgerond, wordt de bibliotheek ook toegankelijk voor commerciële partijen.

2) Bij afbraak in de dikke darm is zetmeel gezonder. Idee: aardappelzetmeel met minder calorieën

Postzegels, behang, yoghurt, sauzen, soepen: zetmeel mag dan weinig tot de verbeelding spreken, het wordt gebruikt in honderden producten.

Groningse wetenschappers ontdekten recentelijk bij toeval dat het mogelijk is om een aardappelzetmeel te maken met minder calorieën en meer vezels: de droom van elke voedingsmiddelenproducent.

Hoogleraar microbiologie Lubbert Dijkhuizen doet al sinds 2010 onderzoek naar zetmeel. Hij is medeoprichter van het Carbon Carbohydrate Competence Centre, een samenwerkingsverband van bedrijven en kennisinstellingen op de Zernike Campus.

Doel is om het zetmeel aantrekkelijker te maken voor voedingsmiddelen. Want, zo legt Dijkhuizen uit, ‘doordat zetmeel snel afbreekt in de mond, komen er ook snel calorieën vrij’. Dat is handig voor sporters of mensen met een zwaar beroep, maar de meeste mensen zijn eerder gebaat bij minder calorieën en meer vezels, bijvoorbeeld in kant-en-klaarmaaltijden.

Nu hebben de onderzoekers van het CCC een nieuw enzym gevonden in een bacterie die voorkomt in de mond. Dit enzym verandert het zetmeel zodanig dat dit niet meer in de mond, maar in de dikke darm wordt afgebroken. Het gedraagt zich hier als een oplosbare dieetvezel en er komen minder calorieën vrij.

Voor een aardappelzetmeelproducent als Avebe is deze vinding goud waard. Zetmeel levert in de voedingsmiddelenindustrie namelijk meer op dan in de chemie. De combinatie van minder calorieën en meer vezels spreekt behalve dieetgoeroes ook marketeers aan.

Nu de werking van het nieuwe zetmeel is getest en gepatenteerd door Rijksuniversiteit Groningen, maken de onderzoekers het enzym geschikt voor grootschalige productie. ‘Dat is relatief gemakkelijk’, zegt Dijkhuizen. Op deze manier worden de zwakke plekken van het enzym aangepakt door het dna te veranderen. Naar verwachting kan Avebe over een of twee jaar met het nieuwe zetmeel aan de slag.

3) ‘Ik ben chief happy people — geen manager’  Rolmodel: Mark Vletter

Op papier is Mark Vletter (35) directeur-eigenaar van Voys, een Gronings telecombedrijf dat de telefooncentrale in de cloud heeft gezet. In de praktijk is Vletter meer ‘chief happy people’ en wil hij allesbehalve manager genoemd worden. Die bestaan namelijk niet bij Voys.

Vletter is fan van goeroes zoals de Braziliaan Ricardo Semler en de Brit Simon Sinek, die geloven in platte organisaties waarin iedereen eigen baas is. Je hebt geen functie, maar een of meerdere rollen.

Wie voor het eerst over het zogeheten ‘Voys-model’ leest, moet even wennen aan het jargon. Zo is er bijvoorbeeld een ‘main circle’ (de organisatie van Voys) en vertolkt Vletter de rol van ‘mooi-werk-verschaffer’ en coachende ‘activator’.

Zijn rol als ‘lead link’, oftewel iemand die de strategie van het bedrijf tot stand brengt, heeft hij onlangs neergelegd. Nu het bedrijf de pioniersfase voorbij is, vindt Vletter het tijd om het stokje over te dragen aan zijn broer. ‘Succesvolle ondernemers zijn goed in delegeren en het delen van leiderschap.’

Het organisatiemodel maakt andere bedrijven zo nieuwsgierig dat Vletter zo’n tachtig keer per jaar de deuren openzet om ondernemers uit te leggen hoe zijn aanpak precies werkt. ‘We ondervinden veel scepsis. Daarom nodigen we mensen uit om langs te komen. Op ons kantoor voel je het verschil.’

Submit a Comment