Het is zes jaar geleden dat ik deze lieve mensen voor het eerst heb ontmoet. En dus vertel ik over de afgelopen zes jaar en alles wat er nu anders is. Het forceert reflectie en besef.
Ik sta op de plek waar ik eindelijk een veel te zware rugzak na een dag lang hiken af heb gedaan om dan te voelen dat alles pijn doet. Dat je veel te veel hebt gedragen. Niet omdat je zelf te veel bij je had, maar omdat je op je schouders nam wat anderen niet konden meenemen, maar wat absoluut naar boven moest. De last die niet van jou alleen was of zelfs helemaal niet van jou. En die veel te zwaar was om alleen omhoog te tillen. Maar soms laat het leven je geen keus. En dus gaat het in die tas en zet je de volgende stap en nog een en nog een. Totdat je boven bent.
Je ontmoet andere en nieuwe mensen onderweg of boven op de berg. En dan pakken ze dingen van je aan en gaan die in hun tas. En je ontmoet mensen die je even vasthouden. Zodat het niet voelt alsof je alleen aan het sjouwen bent en het allemaal veel lichter voelt. Die met je meelopen op het mooie en soms moeilijke pad naar boven. En je geeft spullen terug aan hun eigenaren. Of je gooit spullen die je niet meer nodig hebt in een prullenbak.
Voorlopig ga ik de pijn in het lijf nog wel even voelen. Maar ik sleep tegenwoordig vooral mijn eigen spullen mee en die zijn zo veel lichter. En ik hou vooral de spullen van anderen vast als we even samen stilstaan. En dan draag ik het kort en gaat het niet in het lijf zitten.
Het is mooi om te weten dat je zoveel kunt dragen als het echt moet. Het is lekker om te weten dat het niet meer hoeft. Maar het is nog veel fijner om te weten dat je mensen om je heen hebt die je helpen tillen. Je moet dat vooral niet vergeten te vragen.
Ik wens je een mooie wandeling, een lichte rugzak en veel prachtige plekken waar je even pauze mag nemen. Of langer mag zijn. En waar de rugzak af mag en je lijf en je hoofd even helemaal mogen ontspannen.